Allochtone jongeren met psychische problemen en gedragsproblemen: verschillende trajecten naar de hulpverlening? | Onderzoek

In dit onderzoek uit 2005 wordt nagegaan of autochtone en allochtone jongeren met gedrags- en/of psychische problemen op een verschillende wijze opgevangen worden binnen onze samenleving. En zo ja, welke mechanismen spelen er dan?

Een greep uit de conclusies:

  • Bij autochtone jongeren is het aantal POS-dossiers (problematische opvoedingssituatie) hoger, bij allochtonen het aantal MOF-dossiers (als misdrijf omschreven feit)
  • Het aantal meisjes met een MOF-dossier ligt laag in beide groepen, maar wel meer allochtone dan autochtone meisjes hebben een dergelijk dossier.
  • Er is een veel lager aantal gezinsbegeleidingen in allochtone dan in autochtone gezinnen.
    Andersom komt het ‘intrekken van een maatregel omwille van vrijwillige hulpverlening’ vaker voor bij allochtone dan bij autochtone jongeren (autochtone jongeren hebben dit meestal reeds gedaan als ze voor de rechtbank verschijnen).
  • Allochtone jongeren met een MOF-dossier worden vaker geplaatst in een gemeenschapsinstelling dan autochtone jongeren. Autochtone jongeren worden vaker in een onthaal-, oriëntatie-en observatiecentrum of in een open instelling geplaatst.
  • Proportioneel worden meer allochtone dan autochtone jongeren opgenomen voor schizofrenie en psychotische stoornissen.
  • Opmerkelijk is het hoge percentage ‘diagnose onbekend’ bij allochtone opnames.
  • Allochtone en autochtone jongeren bewandelen een verschillend traject naar en in de hulpverlening. Allochtone jongeren kennen volgens de hulpverleners geen hulpgeschiedenis, de gedwongen begeleiding is meestal de eerste vorm van hulp die zekrijgen. Mogelijke verklaringen daarvoor zijn: gebrek aan kennis over de bestaande hulpverleningsmogelijkheden aan de kant van allochtone ouders, een zekere mate van wantrouwen en schaamte bij de ouders, spanningen tussen ouders en hulpverleners omwille van verschillende verwachtingen en percepties op de problematiek en de hulpverlening. Daarnaast zijn er ook wat drempels komend van de kant van de hulpverlening: wachtlijsten, voorrang voor ‘gemotiveerde’ cliënten, oneigenlijke plaatsingen. Allochtone jongeren riskeren bovendien vaker een ‘uit huis plaatsing’ waardoor allochtone ouders problemen vaak niet durven signaliseren.

Wie heeft het geschreven?

Steunpunt Gelijkekansenbeleid, in opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Veiligheid van de voedselketen en Leefmilieu.

Het Steunpunt Gelijkekansenbeleid is een consortium van de vijf Vlaamse Universiteiten. Het voert onderzoek naar thema’s gelinkt aan gelijke kansen.

Lezen?

Klik hier en download het onderzoek  Allochtone jongeren met psychische problemen en gedragsproblemen: verschillende trajecten naar de hulpverlening?